De transgenderzorg voor jongeren in Nederland wordt gekenmerkt door een zorgvuldig ingericht proces. Dat schrijft de Gezondheidsraad in dit advies dat is opgesteld op verzoek van het ministerie van VWS.
Vragen over genderidentiteit kunnen onderdeel zijn van de natuurlijke identiteitsontwikkeling. Bij een klein deel van de jongeren hebben die vragen betrekking op genderdysforie: een diep gevoel van onbehagen doordat de ervaren genderidentiteit niet overeenkomt met het geslacht dat is toegekend bij de geboorte. Een deel van deze groep wenst behandeling met zogeheten puberteitsremmers en/of genderbevestigende hormonen. Deze behandeling is in Nederland pas aan de orde na uitgebreide diagnostiek en indicatiestelling.
Uit onderzoek blijkt dat hormoonbehandelingen fysiek doen wat ze moeten doen en ook de mentale gezondheid lijkt erdoor te verbeteren. De behandelingen hebben mogelijk ook ongewenste effecten, maar de Gezondheidsraad ziet in de beperkte gegevens die daarover beschikbaar zijn geen reden om de behandelingen niet aan te bieden, zeker omdat niets doen ook schadelijke gevolgen kan hebben voor de mentale gezondheid. De raad kan geen uitspraak doen over het aantal mensen dat spijt heeft van hormoonbehandelingen. Daarover zijn te weinig gegevens beschikbaar.
De Gezondheidsraad concludeert dat transgenderzorg voor jongeren past binnen het gezondheidsrechtelijk kader voor onder meer de patiëntenrechten en de organisatie van zorg. Tijdens de uitgebreide verkennende fase die kenmerkend is voor de Nederlandse transgenderzorg, maar ook tijdens de rest van het zorgtraject, is er voldoende ruimte voor de informatievoorziening aan de jongere en diens ouders en voor de reflectie die nodig is voor vrijwillige geïnformeerde toestemming voor eventuele hormoonbehandelingen.